zaterdag 21 maart 2015

Hoe keer je dan het tij?

Ik heb weinig/geen schrijfinspiratie, maar ik wilde even laten weten dat ik me ietsje beter voel. 
De titel wekt dan wel meer verwachting dan ik inlossen kan, want het tij is niet meer dan een graad of 20 gekeerd. Maar dat maakt een verschil. 
Ik heb geprobeerd heel concreet en heel bewust na te denken over wat me beter zou doen voelen, en wat zeker niet. Ik hield even iedereen op een afstand. Geen extra tranen. Geen knuffels. Afstand. Binnen die afstand probeerde ik mijn negatieve energie kwijt te raken. In mijn knutselkamer opruimen, teksten en prenten zoeken, leek een uitkomst te bieden. Praten met mijn zus ook. En koken. En nieuwe stoelen krijgen ook - ik blijf een vrouw, toch? 
Vanmorgen zag het er nog helemaal anders uit. Waar het gisteren allemaal onwerkelijk leek, was het deze ochtend reëler dan ooit. Chemo. Nest. Pijn. Smaak verliezen,  en meer van dat. Ik kon niets verdragen. Niets. Elk geluid van Hummeltje overstemde mijn gevoel. Maar een mens heeft iets bijzonders in zich. Een kracht die onbekend is. Die in staat is om toch - met hulp en geduld van schoonzus en manlief - de rust terug te vinden. Ik kon de dagelijkse activiteit weer opnemen - nadat ik onze nieuwe stoelen in elkaar had gezet, en met de dozen een speelhuis voor Hummeltje had gemaakt. Ik kon met het hele gezin en vrienden gaan zwemmen. Ik kon daar ontzettend van genieten. En van Hummeltje die zoveel met open mond lachte dat ie het zwembad haast leegdronk. Van manlief die zijn krant eens kon lezen, zonder tussenkomst van - euhm - mezelf. Van de maaltijd achteraf in het cafetaria - waardoor we toch nog aan dat buitenshuis eten toekwamen - Want dat wilde ik absoluut nog doen voor ik riskeer mijn smaak te verliezen. Het plaatje klopte weer. De rust kwam een beetje terug. En hiermee ook de mogelijkheid om er eens over te praten. 
Ben ik geruster? Nee, helemaal niet. Heb ik weer moed? Nee, evenmin. Zal ik ervoor gaan? Ik denk het wel. 
Ik zoek nog naar een manier om de eerste druppel chemo mentaal aan te kunnen. Iets dat mijn zinnen verzet. Iets waardoor die druppel niet als gif, maar als hoop zal voelen. Over die vraag ga ik me morgen buigen. Op een van onze nieuwe stoelen, met mijn creaboekje in de hand en een dampende thee. 



Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen